NederlandsEnglishFrançaisDeutschEspañol

Deel III: Onze falende democratie – OVER KADAVERDISCIPLINE EN FALENDE CONTROLE VAN DE VOLKSVERTEGENWOORDIGING

Over kadaverdiscipline en falende controle van de volksvertegenwoordiging

In deel 1 van deze reeks werd onderbouwd hoe het komt dat we kwalitatief ondermaatse bestuurders en volksvertegenwoordigers hebben. Het komt erop neer dat er te weinig kwalitatief goede kandidaten zijn op de politieke arbeidsmarkt om daadwerkelijk echt goede, vakkundige bestuurders en volksvertegenwoordigers op de juiste politieke functies te krijgen Met 2,6 kandidaten per politieke functie is het armoe troef.

Deel twee prikte de mythe door van het democratisch gehalte van verkiezingen.

De kiezer heeft geen invloed de verkiezingscampagnes, kieslijsten, de interpretatie van de verkiezingsuitslag en welke consequenties daaraan verbonden worden door de partijen. Ook op het bij voorbaat uitsluiten van bepaalde coalitiepartners of op de terugkeer van verliezende partijen heeft de kiezer geen invloed. En verkiezingsbeloften verdwijnen tijdens de coalitiebesprekingen zonder dat men kiezer daarover raadpleegt.

Nu kijken we naar het democratisch gehalte van de volksvertegenwoordiging, met name de Tweede Kamer.

Het duale systeem
In ons bestel kennen we drie staatsmachten; de wetgevende, de bestuurlijke en de rechterlijke macht.

Deze drie worden ook wel de trias politica genoemd en zijn het geesteskind van een verlicht Frans denker uit begin 1700, Charles de Montesquieu. Hij was van mening dat macht altijd verdeeld hoorde te zijn zodat niemand (of een kleine groep) alle macht zou hebben. Charles de Montesquieu was zeer strikt; geen onderhandse overheersing de ene staatsmacht over een andere. Zelfs beïnvloeding beschouwde De Montesquieu als ontoelaatbaar.

Zulke praktijken schaden immers het principe van verdeelde macht. Hij werd beïnvloed door de Engelse filosoof John Locke die meende dat de machthebber de wil van het volk moest weerspiegelen.

De wetgevende macht bestaat uit de bestuurders enerzijds en de volksvertegenwoordiging anderzijds. Samen maken ze een wet die vervolgens door de bestuurders wordt uitgevoerd. De taak om de bestuurders te controleren valt aan de volksvertegenwoordiging; voeren ze de wet netjes uit zoals afgesproken? Dit noemen we het duale systeem.

De wetgevende macht is de regering samen met de Tweede Kamer. Zij maken een nieuwe wet en de Eerste Kamer doet een soort kwaliteitscontrole. Vindt de Eerste Kamer de wet oké dan treedt de wet in werking. Bij de provincie werkt het ook zo. Gedeputeerde Staten (GS – de bestuurders) maakt samen met Provinciale Staten (PS – volksvertegenwoordiging) een provinciale verordening. GS voert uit, PS controleert. En bij gemeenten is het niet anders. Burgemeester en wethouders maken samen met de gemeenteraad een nieuwe gemeentelijke verordening. B&W voert uit, de raad controleert.

Machtsevenwicht tussen bestuurders en het volk
In Nederland hebben we een parlementaire democratische rechtsstaat gestoeld op een Grondwet.

Democratie, een woord dat stamt uit het Grieks, betekent letterlijk volksheerschappij. De Montesquieu en Locke waren van mening dat de bestuurder de wil van het volk dient te weerspiegelen en dat de macht niet dient te berusten bij een kleine groep of één persoon. Concreet vertaalt naar vandaag; er moet sprake zijn van een machtsevenwicht tussen zij die besturen (regering, GS, B&W) en zij die bestuurd worden; de burgers.

Omdat het een beetje lastig is om iedereen mee te laten praten is er de zogenaamde ‘evenredige vertegenwoordiging’ in de gedaante van de volksvertegenwoordiging; de Tweede Kamer, Provinciale Staten en de gemeenteraad. Zij dienen te bewaken of de bestuurder inderdaad ‘de wil van het volk’ uitvoert. De burgers kiezen de volksvertegenwoordiging die hun belangen dienen te respecteren en te verdedigen.

De taak van de volksvertegenwoordiging begint dus al bij het opstellen van de wetten en verordeningen samen met de bestuurder. Daarbij dient zorgvuldig te worden afgewogen of de belangen van het volk evenwichtig worden gediend met die nieuwe wet. Treft deze wet bepaalde groepen burgers niet onevenredig zwaar of krijgen bepaalde bedrijven of organisaties niet een oneerlijk voordeel in de schoot geworpen? Denk aan Shell die geen belasting betaalt ondanks miljardenwinst om er eentje te noemen.

De Grondwet biedt een garantie dat de volksvertegenwoordiging kan doen wat hij moet doen. Artikel 67 lid 3 zegt: ‘De leden stemmen zonder last’. Dat wil zeggen zonder beïnvloeding of druk van buitenaf.

Tot zover de theorie.

Het lijkt helder en duidelijk. Echter in de praktijk ligt dat nogal anders. Ik beperkt me hier tot het Haagse maar ook in de provinciale en gemeentelijke politiek spelen de genoemde praktijken een rol.

Open politiek debat? Duaal systeem? Welnee, kadaverdiscipline!
Tijdens het maken van een nieuwe wet komt er een moment dat de Tweede Kamer stemt over het voorstel.

De leden horen te stemmen ‘zonder last’ (Grondwet art. 67, lid 3). Maar in werkelijkheid is er sprake van kadaverdiscipline: ‘Gij stemt zoals de partijtop bepaalt. Zo niet, dan zwaait er wat.’

Lijkt populistisch dus klopt dat nou?

Ja, de opgelegde kadaverdiscipline is overweldigend. In de periode 2013-2016 werd over 10.000 wetten, moties en wijzigingsvoorstellen (amendementen) gestemd; ruim 1,5 miljoen stemmen. Je zou denken dat er ook een fors aantal tegenstemmen zouden zijn uitgebracht door Kamerleden van de coalitie. Per slot van rekening, wie heeft ooit meegemaakt in een vereniging dat elke voorstel van het bestuur door alle leden altijd met volle instemming van iedereen wordt aangenomen, nietwaar? Nou, wel in de Tweede Kamer.

Datagraver, een onafhankelijk specialistisch bedrijf in dataverzameling, toont keihard aan dat de partijdiscipline binnen de coalitiepartijen in Tweede Kamer maar liefst 99,999% bedraagt. Ieder kamerlid in coalitie stemt altijd conform de afgedwongen partijlijn. Kamerleden van de oppositie zijn wat ‘stouter’ die durven af en toe af te wijken van de partijlijn.

Hoezo, de leden stemmen zonder last?

Vergis u niet. Kamerleden zweren trouw aan de Grondwet en schenden hun gezworen plicht. Je moet als burger eens proberen artikel 1, het anti-discriminatieartikel, te schenden. Zeg dat je BML wat ‘over de top’
vindt. Dan word je verketterd, voor de wolven gegooid en met huid en haar opgevreten en uitgespuugd.

En zo zie je maar, voor de wet zijn we gelijk maar sommigen zijn overduidelijk gelijker dan anderen. Meer daarover in een volgend deel van dit feuilleton.

Deze kadaverdiscipline garandeert de coalitie een meerderheid op elk wetsvoorstel want er zijn binnen de coalitiepartijen nooit tegenstemmers. Dat is ongeloofwaardig. Kunt u zich voorstellen dat een SP-, VVD-, GroenLinks- of D66-kiezer het altijd eens is met alles wat die partij onder welke omstandigheden dan ook uitdraagt? Ik niet.

Kortom, kamerleden prostitueren zich voor partijgewin en/of persoonlijk gewin of misplaatste persoonlijke loyaliteiten. Ze acht dat belangrijker dan hun loyaliteit aan hun plicht en aan de burger en de Grondwet. Dat is walgelijk; een morele, ethische en staatskundige travestie.

Tjeenk Willing benadrukt in zijn lezing De Verwaarloosde Staat, de giftige werking van deze werkwijze:
‘Niemand hoort het monopolie van het definitieve gelijk voor zich op te eisen. Ook de politieke meerderheid niet’. Hij benadrukt ook dat het regeerakkoord samen met de kadaverdiscipline elke vorm van open debat de mond snoert.

De heer Fortuyn beaamt dat in De puinhopen van acht jaar Paars: ‘Eens in de vier jaar mag het stemvee, wij dus, opdraven om een Tweede Kamer kiezen en daarna bepaalt de politiek-bestuurlijke elite hoe en in welke samenstelling wij worden geregeerd’.

Controlerende functie? Een lachertje!
Hoe zit het dan met de controlerende functie van de Kamer? Dat controleren gaat in de vorm van kamervragen. De minister moet antwoord geven op een vraag van een kamerlid inzake een bepaald onderwerp.

Het kamerlid heeft zijn oortjes aan de grond gelegd en meent dat er iets ‘niet netjes’ gaat en schraapt de euvele moed bij elkaar de minister te vragen hoe dat zit. Helaas zijn die kamervragen niet meer dan een overbodig politiek ritueel waarvan de uitslag bij voorbaat al bekend is.

In 2019 werden 3078 vragen gesteld waarvan de helft niet op tijd werd beantwoord (3 weken) en zelfs niet binnen 6 weken (bron: Het Parool). Het record ligt op 291 dagen en dat onder het motto ‘zorgvuldigheid boven snelheid’.

Jaja, maar ook de soep wordt niet zo heet gegeten als opgediend en van uitstel komt afstel.

Dat beantwoorden wordt mondjesmaat ingevuld; er wordt geen, onvolledige of foutieve informatie gegeven, er wordt terugverwezen naar eerdere vragen die óók niet werden beantwoord, enzovoorts, enzovoorts.

Lees de columns van Pieter Klein van RTL, onderzoeksjournalist 2019, en huiver. Lees over de toeslagenaffaire en hoe de regeringen Rutte jarenlang een van bovenaf georkestreerde doofpotstrategie heeft gevoerd en de Kamer bewust buiten spel heeft gehouden. Niet-integer handelen was verheven tot overheidsbeleid!

En, en dat is nog het meest kwalijk, toen de affaire, die 8 jaar geleden startte, aan het licht kwam, had de Tweede Kamer niet de moed Rutte en zijn ploeg naar huis te sturen. Hoezo, plicht jegens de burger?De regering heeft ook informatieplicht naar de Tweede Kamer. We leggen regeringsleider Rutte onder het vergrootglas. Hij heeft een indrukkend aantal leugens achter zijn naam; de burgerdoden in Irak, de kwestie Zijlstra, de Teevendeal (bonnetjesaffaire), over de dividendbelasting, de toeslagenaffaire en de… de lijst is eindeloos.

Liegen was ooit een politieke doodzonde en betekende onherroepelijk je vertrek. Liegen lijkt verheven tot het ‘nieuwe normaal’. De Kamer faalt riant in haar taak; controleren van en sturing geven aan de regering. Het Befehl-ist-Befehl-gehalte, de kadaverdiscipline, is 100 procent.

Conclusies
Het democratisch gehalte van de Tweede Kamer is nul gezien de kadaverdiscipline die er heerst. Het regeerakkoord blokkeert elke vorm van debat hetgeen onder andere is toe te schrijven aan de povere kwaliteit van volksvertegenwoordigers, bestuurders en partijleiders. Zie voor een verklaring hiervoor Deel 1.

Het is ten diepste verachtelijk dat in het orgaan dat het stralend uithangbord van onze democratie zou horen te zijn, waar de democratie vorm, gestalte, een gezicht en stem krijgt, de partijdictatuur met ijzeren vuist heerst. En wie niet luisteren wil, sneuvelt onder de laars van de partijtop; geen plek meer op de kieslijst bij de
volgende verkiezingen! En wie uit de partij stapt en een eenmansfractie vormt, verliest elke vorm van ondersteuning als het aan de gezamenlijke partijbonzen ligt.

Bij wet (!) willen ze regelen dat éénkamerfracties, de ‘dissidenten’ en vrijdenkers die een open debat willen aangaan, gediscrimineerd gaan worden. Hun budget moet worden geknepen, ze krijgen minder spreektijd, een tweederangs status als groep, zo bericht het Nederlands Dagblad (5 december 2016).

De regering ondermijnt structureel en diepgaand de controlerende functie van de Kamer door cruciale informatie te onthouden, kamervragen niet of te laat te beantwoorden of door het opdissen van leugens.

De Kamer weigert daarop categorisch falende en malverserende ministers of staatssecretarissen naar huis te sturen. De Kamer poept de luier vol wanneer een regering af geserveerd moet worden die al meerdere regeringsperiodes de kluit structureel heeft belazerd (o.a. toeslagenaffaire).

Het volgende deel in de reeks gaat over de onafhankelijkheid van de derde staatsmacht, de rechterlijke macht.

Ik wens u wijsheid,
Karel Nuks

DEEL I – Over het zwaktebod en armoe troef

Deel I: Onze falende democratie – OVER HET ZWAKTEBOD EN ARMOE TROEF

DEEL II – Over de mythe van de invloed van de kiezer

Deel II: Onze falende democratie – OVER DE MYTHE VAN DE INVLOED VAN DE KIEZER

Subscribe
Abonneren op
1 Reactie
oudste
nieuwste meest gestemd
Inline Feedbacks
Zie alle comments

Doe normaal…en  DRAAG HET UIT!

Laatste nieuws

NederlandsEnglishFrançaisDeutschEspañol
1
0
Laat jouw mening horen! Houd het netjes.x
()
x