Oprecht Onafhankelijk Nieuws & Opinies

Houd ons in de lucht om mee te strijden voor de vrijheid

U zal niets bezitten en U zal gelukkig zijn.

Deel onze artikelen en doorbreek de censuur
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  

Armoede “het niet kunnen voorzien in de eerste levensbehoeften” in twittertaal trending in Europa. Of dat zou toch trending moeten zijn.

In de titel staat de uitspraak van het W.E.F. dat onder meer in hun agenda heeft staan: Het ¨uitroeien¨ van armoede. Maar naar aanleiding van onderstaand artikel ga ik er gemakshalve maar vanuit dat men hier nog bezig is met de afbraak om de grond te effenen voor het Build Back Better programma.

Sombere nieuwe cijfers tonen aan dat kinderarmoede in Groot Brittannië een recordhoogte heeft bereikt nog VÓÓR DE pandemie.

De meeste arme kinderen in werkende gezinnen

Kinderarmoede bereikte een recordhoogte in het VK, zelfs voordat de pandemie toesloeg, met driekwart van de kinderen in nood die in werkende gezinnen leven, en campagnevoerders zeggen dat de gevolgen van Covid het afgelopen jaar de zaken alleen maar erger hebben gemaakt.

Jaar-op-jaarcijfers die donderdag door de Britse regering zijn vrijgegeven, laten zien dat in de 12 maanden voordat de lockdown in maart 2020 begon, het aantal kinderen dat in armoede leeft, is gestegen van 4,1 miljoen naar 4,3 miljoen – het hoogste niveau ooit.

Toen de pandemie toesloeg, groeide bijna 31% van de kinderen in het VK op in relatieve armoede – tegen 29% het jaar ervoor.

“Het is zeer ontmoedigend om deze toename van kinderarmoede in het VK te zien”, zegt Dan Paskins, directeur VK bij Save the Children. “En omdat deze statistieken een indicatie geven van de pre-pandemie onder kinderarmoede, geven ze ons niet eens een volledig beeld van de impact van Covid en mogelijk nog veel erger de situatie voor kinderen over een jaar.”

Uit de gegevens van het Department for Work and Pensions blijkt dat meer dan de helft van alle kinderen die in armoede leven deel uitmaakt van een gezin met een jongste kind jonger dan vijf jaar. Ongeveer 1,7 miljoen kinderen leden in 2019-2020 honger van gezinnen die niet genoeg voedsel konden betalen.

De armoedecijfers waren het hoogst bij kinderen in gezinnen in Bangladesh, met meer dan twee derde (68%) arm, en meer dan de helft van de kinderen in Pakistaanse gezinnen (53%) in armoede.

Uit de cijfers bleek ook dat bijna de helft (49%) van de kinderen in eenoudergezinnen kansarm was.

De toekomst zal uitwijzen hoe we deze pandemie voor onze kinderen hebben aangepakt. Het is een overweldigende en stressvolle tijd geweest voor gezinnen die al worstelen met een laag inkomen, en we kunnen niet het risico lopen om nog meer gezinnen in armoede te storten

De Child Poverty Action Group merkte op dat de nieuwe statistieken pre-pandemisch zijn en “laten zien hoeveel gezinnen er zelfs vóór Covid financieel worstelden.”

Uit de cijfers blijkt dat de ergste armoede zich in Noord-Engeland bevond.

In Schotland waren de cijfers slechts marginaal beter: Twee-derde van de kinderen in armoede leeft in een huishouden met iemand die betaald werk heeft.

De regering zei dat de cijfers relatieve armoede meten, die wordt berekend op basis van het mediane inkomen, in tegenstelling tot absolute armoede, eraan toevoegend dat 700.000 mensen minder in armoede leefden dan in 2010.

Vlak eigen land ook niet uit, die is ook prima op schema

ARMOEDE IN NEDERLAND

Hoewel Nederland tot de rijkste landen van Europa behoort, is ook hier armoede. Uit onderzoek van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) en het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) blijkt dat eenoudergezinnen, mensen met een niet-westerse achtergrond, bijstandsontvangers en alleenstaanden onder de 65 jaar een grote kans op ernstige armoede hebben. De armoede uit zich onder meer in (zeer) beperkte financiële middelen, sociale uitsluiting, gezondheidsproblematiek en beperkte toegang tot onderwijs.

In 2018 moesten 584 duizend van de bijna 7,4 miljoen huishoudens rondkomen van een laag inkomen. Dit waren er net zoveel als in het voorgaande jaar.

WAT IS ARMOEDE?

De Verenigde Naties omschrijven armoede als “het niet kunnen voorzien in de eerste levensbehoeften”. Veel onderzoeken tonen aan dat in een rijk land als Nederland steeds meer mensen door armoede getroffen worden. We spreken in Nederland over absolute armoede als mensen leven onder de lage-inkomensgrens en  bv. niet beschikken over (gezond) voedsel, huisvesting, toegang tot gezondheidszorg (bv. een zorgverzekering) of geen mogelijkheden hebben om verder te leren na de verplichte schoolperiode.

Relatieve armoede verwijst naar de levensomstandigheden van een individu of groep in verhouding met zijn/haar omgeving.

Sociale armoede betekent dat mensen niet mee kunnen doen aan het normale maatschappelijk leven omdat er geen geld is voor een sportclub of vereniging, voor schoolactiviteiten of een uitstapje van de bejaardenvereniging of bijvoorbeeld voor toegang tot internet.

Wat is de lage-inkomensgrens?

In 2018 lag de grens voor een alleenstaande op 1.060 euro per maand, voor een paar was dat 1.460 euro. Met twee minderjarige kinderen was de grens voor een paar 2.000 euro en voor een éénoudergezin 1.600 euro. (CBS). Men stelt vaak de vraag wat ligt nu de armoedegrens? Daarvoor verwijzen wij naar de beschrijving van het SCP: Waar ligt de armoedegrens?.

Armoede niet altijd zichtbaar

Er is veel ‘stille’ armoede: het is vaak niet zichtbaar dat mensen hun huur niet meer kunnen betalen of kinderen zonder ontbijt de deur uit moeten. Het sociale vangnet in Nederland wordt steeds kleiner. Steeds meer mensen moeten een beroep doen op maatschappelijk werk, ouderenzorg, sociale uitkeringen, jeugdzorg, studiefinanciering, ondersteuning van kerken enz. Door de voortdurende bezuinigingen worden deze voorzieningen steeds minder toegankelijk.

Langdurige armoede

Nog steeds leeft een grote groep mensen langdurig in armoede. We spreken van langdurige armoede als er sprake is van een armoedesituatie die ten minste vier jaar achtereen voortduurt. Van de 584 duizend huishoudens die van een laag inkomen moesten rondkomen in 2018 moesten er 232 duizend al ten minste vier jaar achtereen van een laag inkomen rondkomen.

Terugvallen in armoede

Opvallend is echter dat op een zeker moment mensen terug vallen in armoede. Van de mensen die in een bepaald jaar uit de armoede zijn geraakt, verkeert een jaar later bijna 20% opnieuw in een armoede situatie. Na vijf jaar is in totaal 40% in armoede teruggevallen. Blijkt uit onderzoek van het Sociaal en Cultureel Planbureau.

KWETSBARE GROEPEN IN NEDERLAND

Kinderen in armoede

In totaal leefden in 2019 ruim 251 duizend kinderen in een huishouden met een inkomen onder de lage-inkomensgrens. Dit blijkt uit de nieuwste CBS-gegevens over risico op armoede.

Eenoudergezinnen en alleenstaanden tot 65 jaar vaker dan gemiddeld arm

Volwassen leden van eenoudergezinnen met uitsluitend minderjarige kinderen en alleenstaanden jonger dan de AOW-leeftijd lopen het meeste risico op armoede. Alleenstaande moeders met minderjarige kinderen zijn vaker arm dan alleenstaande vaders met kinderen. Nederland telt bijna 534 duizend eenoudergezinnen. Ruim de helft daarvan (54%) bestaat uit
eenoudergezinnen met uitsluitend minderjarige kinderen.

Veruit de meeste daarvan hebben een vrouw aan het hoofd. Het armoedepercentage in deze categorie is veel hoger (bijna 15%) dan in de categorie eenoudergezinnen met een man aan het hoofd (7%). Dit komt doordat alleenstaande moeders relatief vaak afhankelijk zijn van een uitkering. Eenoudergezinnen met ook meerderjarige kinderen laten een kleiner verschil tussen vrouwen en mannen zien. In dat geval verkeert 9% van de moeders en 5% van de vaders in armoede.

Het armoederisico onder 55- tot 65-jarigen vergeleken met andere leeftijdsgroepen is hoog en is gegroeid sinds 2015. De 55-plussers die hun baan zijn kwijtgeraakt, komen moeilijk weer aan het werk. De verhoging van de AOW-leeftijd verlengt bovendien de tijdsspanne van hun armoedeproblematiek. Dit blijkt uit recente gegevens van het CBS.

Armoede neemt toe, maar minder zichtbaar door corona - Noordhollandsdagblad

Werkende armen

Een groep die vaak wordt vergeten zijn de mensen die een betaalde baan hebben, maar te weinig verdienen om van rond te komen. Hoe beperkter de werkweek, hoe hoger is de kans op armoede. Werk wordt als hét middel gezien om uit de armoede te komen. Van alle volwassenen in armoede heeft een derde betaald werk als belangrijkste eigen inkomensbron. In 2017 waren er iets meer dan 666 duizend volwassenen met een inkomen onder het niet-veel-maartoereikendcriterium.

Bijna 220 duizend van hen hadden betaald werk als belangrijkste eigen inkomensbron.Werkende armoede vormen bijna een derde van de volwassenen in armoede. Binnen de groep arme werkenden was iets meer dan de helft een werkende in loondienst:

Bijstandsontvangers lopen grootste risico op armoede

Na de bijna 220.000 werkende armen zijn de bijstandsgerechtigden de tweede grootste groep onder de arme volwassenen. In totaal ging het in 2017 om ongeveer 152 duizend personen. Dit was bijna een kwart (23%) van de totale groep arme volwassenen. De kans dat bijstandsgerechtigden in armoede verkeren is groot: van alle bijstandsontvangers in Nederland is ruim een derde arm.

Er zijn ook arme pensioenontvangers

Naast de werkenden en de bijstandsgerechtigden zijn de pensioenontvangers de derde grote groep onder de arme volwassenen. In 2017 ging het om 105 duizend mensen. Bijna 90 % van deze mensen is langdurig arm. Dat het aandeel in deze groep niet of nauwelijks afneemt komt ook doordat deze groep niet kan profiteren van economische groei.

Migratieachtergrond

Van alle arme volwassenen in 2017 had ongeveer de helft een migratieachtergrond. Niet-westerse migranten zijn vaker arm dan westerse migranten. Het armoederisico verschilt per land van herkomst. Bij mensen met een niet-westerse achtergrond hebben migranten uit vluchtelingenlanden het hoogste armoederisico.

Meer mensen onder bewindvoering voor schulden

Het aantal mensen dat door schulden onder toezicht van een bewindvoerder kwam te staan is de afgelopen jaren fors gestegen, aldus de Raad voor de Rechtspraak. Waren er in 2013 nog ongeveer 35 duizend mensen onder bewind vanwege schulden, in 2018 waren dat er al ruim 56 duizend Een stijging van zo’n 60 procent.

GEVOLGEN VAN ARMOEDE

Armoede heeft vergaande gevolgen voor iemand zijn leven. Armoede zorgt bijvoorbeeld voor minder kans op een opleiding, heeft betrekking op je woonsituatie  en je gezondheid. Schaamte, sociaal isolement, eenzaamheid, stress en depressies kunnen een gevolg zijn van armoede.

Armoede is slecht voor je gezondheid

Mensen mijden een medisch specialist of bijvoorbeeld de tandarts. Bang voor de kosten die dit met zich meebrengt. Vergeet ook zeker niet de verplichte eigen bijdrage in de ziekte kosten en medicijnen die niet worden vergoed, ook deze kosten zorgen ervoor dat mensen minder snel medische hulp inschakelen.

Armoede geeft stress

Constante, langdurige stress heeft een negatief effect op de mogelijkheid om een goede keuze te maken.

  • Het IQ neemt gemiddeld met 13 punten af*. Dit is vergelijkbaar met een nacht niet slapen.
  • Chronische stress is slecht voor lichaam een geest. Zo vergroot het gevaar op hart- en vaatziektes en de kans op overgewicht.
  • Men heeft minder denkkracht en maakt meer korte termijn besluiten. Mensen hebben ’teveel aan hun hoofd’. De acute geldproblemen nemen je in beslag, daardoor is er minder aandacht voor de lange termijn en is men alleen bezig met zijn of haar primaire behoeften.
Mogelijkheden om deel te nemen aan de maatschappij nemen af

Ook kan armoede er voor zorgen dat iemand in een maatschappelijk isolement raakt. Door een beperkt budget nemen de mogelijkheden om deel te nemen aan activiteiten af. Een beperkt budget kan ervoor zorgen dat het gebruik van een auto of het van openbaarvervoer te kostbaar wordt. Net als een telefoon, computer of internet. De mogelijkheid om ergens te komen, contact te leggen of je zelf te voorzien van informatie wordt daardoor ook een stuk lastiger.

Gevolgen voor kinderen die opgroeien in armoede

Kinderen uit een laag-inkomensgezin gaan minder vaak uit dan kinderen met rijkere ouders. Ze sporten minder, volgen minder muziekles en gaan minder vaak een dagje naar de speeltuin. Die activiteiten buiten de deur kosten namelijk geld, reden waarom deze kinderen , volgens hun ouders, minder vaak aan deze activiteiten mee kunnen doen. Kinderen uit een laag-inkomensgrens nodigen ook minder vaak vrienden uit, bijvoorbeeld voor een verjaardag, om te spelen of te blijven eten. Een laag inkomen heeft ook invloed op schoolactiviteiten waarvoor een eigen bijdrage nodig is, zoals een schoolreis, die moeten kinderen vaak aan zich voorbij laten gaan.

Aanvulling recentere gegevens (bron: Trouw)

Zelfs zonder de gevolgen van het coronavirus neemt armoede de komende jaren flink toe in ons land, berekenen het SCP en het CPB in een nieuw rapport. De overheid kan dat op allerlei manieren tegengaan, maar daar hangt een flink prijskaartje aan.

Het aantal mensen dat leeft van een inkomen onder de armoedegrens neemt vanaf 2021 fors toe, melden het Sociaal Cultureel Planbureau (SCP) en het Centraal Planbureau (CPB) in een omvangrijk rapport over de effecten van het Nederlandse armoedebeleid.

Momenteel leeft ongeveer 5,3 procent van de bevolking (een kleine 900.000 inwoners) van een inkomen onder de armoedegrens. Dat percentage zal tussen 2021 en 2035 stijgen naar 6,8 procent, luidt de sombere prognose. Een belangrijke kanttekening is dat er geen rekening is gehouden met de gevolgen van de coronacrisis, die, melden de onderzoekers, de resultaten van deze studie alleen maar relevanter maken.

De armoedegrens die het SCP hanteert is het zogeheten niet-veel-maar-toereikendbudget, en loopt op van een besteedbaar inkomen van 1135 euro per maand voor een alleenstaande, tot 2315 euro per maand voor een stel met drie kinderen.

Prikkel om werk te zoeken

De planbureaus baseren hun zorgwekkende conclusie grotendeels op de jaarlijkse verlaging van de bijstandsuitkering, die door de overheid in 2011 is ingevoerd. Die maatregel is bedoeld om mensen in de bijstand te stimuleren aan het werk te gaan, omdat het inkomensverschil tussen werk en uitkering jaarlijks groter wordt.

Als de verlaging van de bijstandsuitkering volgend jaar al zou stoppen in plaats van pas in 2035, zoals nu is bedoeld, lopen de uitkeringsgerechtigden bijna 50 procent minder risico op een leven in armoede, stellen de onderzoekers vast. Een nadeel daarvan is dat de prikkel om werk te zoeken afneemt.

“De bedoeling van de bijstand is juist dat we mensen uit de armoede houden, maar het is duidelijk dat dat nu niet lukt”, zegt Gijsbert Vonk, hoogleraar sociale zekerheidsrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen.

Slag in de lucht

“De uitkeringsbedragen zijn te laag en blijven al jaren achter ten opzichte van de welvaartsgroei. En de voorwaarden om in aanmerking te komen voor de bijstand worden steeds strenger, zoals de bijverdiensten die worden gekort op de uitkering.”

De berekening van de planbureaus is een slag in de lucht, stelt hoogleraar Jan Rath van de Universiteit van Amsterdam (UvA) en specialist in armoedebeleid, omdat de crisis ongetwijfeld nog een duit in het zakje zal doen. “Vanaf volgend jaar zal de overheid weer flink moeten bezuinigingen, nog los van alle andere economische gevolgen van de coronacrisis. De perspectieven zijn volgens mij alleen somberder.”

De onderzoekers beschrijven maar liefst veertig, soms dure, opties waarmee de overheid armoede de komende jaren in meer of mindere mate kan reduceren. Van het verhogen van het kindgebonden budget voor gezinnen met minstens drie kinderen tot het verhogen van de arbeidskorting voor werknemers met lagere inkomens.

Basisinkomen en vereenvoudiging van toeslagensysteem

Ook schetsen de planbureaus in hun rapport een aantal mogelijke stelselwijzigingen die bijdragen aan een reductie van armoede, zoals de invoering van een basisinkomen en een vereenvoudiging van het toeslagensysteem.

Als iedereen een basisinkomen zou krijgen, waarbij de onderzoekers rekenen met een besteedbaar inkomen van 1235 euro per maand voor een alleenstaande, inclusief zorgtoeslag, kindgebonden budget en kinderopvangtoeslag, neemt de armoede met 60 procent af, is de verwachting. Maar, het basisinkomen kost veel geld en zorgt voor een flinke knauw in de werkgelegenheid.

“Het is daarom niet reëel dat we nu rigoureus overstappen op een basisinkomen”, zegt Vonk. Een middenweg, waarbij de bijstand wordt verhoogd en het vooral eenvoudiger wordt gemaakt om in aanmerking te komen voor de uitkering biedt meer soelaas, verwacht hij.

“De bijstand gaat ervan uit dat je of fulltime werkt, of niet werkt. Je sluit veel groepen uit, zoals zpp’ers of parttimers, die niet al te veel verdienen, terwijl zij er misschien ook deels recht op zouden moeten hebben. We moeten toe naar een stelsel waarbij je werk en een gedeeltelijke uitkering kunt combineren. En zo zijn er nog heel veel andere opties waar politici en onderzoekers nu over nadenken. De roep om verandering van het uitkeringssysteem wordt steeds luider.


Deel onze artikelen en doorbreek de censuur
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  

Deel dit artikel!

Subscribe
Abonneren op
Mag uw echte naam zijn of een pseudoniem
Niet verplicht
10 Reacties
oudste
nieuwste meest gestemd
Inline Feedbacks
Zie alle comments
CommonSenseTV
nl Dutch
X
10
0
Wat is uw reactie hierop?x
()
x